Blog : Ik ga mijn vader wel missen

‘Er komt een melding binnen van een bestuurder die slingerend en met een slakkengangetje over de A28 rijdt. Als we de auto in het vizier hebben zie ik dat de achterklep openstaat. Vanaf de achterbank kijkt een jongetje mij aan. Het is lastig om de bestuurder te laten stoppen. Hij verandert geregeld van rijstrook, rijdt tussen de 40 en 60 kilometer per uur en gedraagt zich onvoorspelbaar. Onze auto van Team Verkeer passeert hem, rijdt voor hem uit en toont het ‘Politie volgen’ bordje.

Op een gegeven moment leiden we de automobilist naar de afslag Zwolle-Zuid. De man rijdt goed met ons mee en het lijkt een peulenschilletje te worden. Maar op het laatste moment draait hij toch weer de snelweg op. Gelukkig zie ik dat er iemand van het basisteam aan komt rijden en ons komt helpen. Ondertussen houd ik het jongetje op de achterbank in de gaten. Ik kijk hem recht aan en schat in dat hij vier of vijf jaar oud is. In eerste instantie zie ik iets van angst in zijn ogen, maar daarna ook iets van herkenning. Het lijkt net alsof hij in zijn jonge leven al eerder politieagenten heeft ontmoet.

De drie politieauto’s dwingen de bestuurder tot stoppen, maar de man draait op het laatste moment toch weer het stuur om, waarbij hij een politieauto beschadigt. Als de auto eindelijk stil staat, trekken collega’s het portier open en sleuren de man uit de auto. Hij blijkt stomdronken te zijn. We houden hem aan voor rijden onder invloed en agressief en onveilig rijgedrag.

Terwijl de man geboeid wordt afgevoerd, haalt mijn collega het jongetje van de achterbank. Hij is inderdaad vijf jaar oud. Eerst wordt uitgezocht wie zijn moeder is en waar zij woont. Al snel blijkt dat het kind niet bij haar terecht kan, want zij verblijft in een tbs-kliniek. We proberen meteen opvang voor de kleuter te regelen. Ondertussen vermaken mijn collega’s en ik het jongetje op het politiebureau. Hij krijgt een rondleiding door het gebouw. Het kind vindt het prachtig. Het moet voor hem haast aanvoelen als een uitstapje, want hij straalt.

Toch valt me iets op. Ik merk dat het kind zich anders gedraagt dan een doorsnee vijfjarige. Hij heeft nog geen moment naar zijn vader gevraagd. Het enige dat hij heeft gezegd, kort nadat hij uit de auto is gehaald, is: ‘Ik ga mijn vader wel missen’. Alsof het kind van tevoren al wist dat hij zijn vader een lange tijd niet meer zou zien. Het is ook een erg druk jongetje. Niet zomaar druk, maar echt een stuiterbal. Heel intens. Het kost ons allemaal veel energie, maar ondanks dat merk ik dat we het leuk vinden om even op hem te passen. Hoewel de jongen sinds hij op het bureau is nog niks heeft gegeten en gedronken, wil hij niets aannemen van ons. Pas rond 23.00 uur krijgen we hem eindelijk zo ver dat hij een milkshake opdrinkt. Dan gaat de telefoon. Het blijkt dat we het kind naar een tijdelijk opvangadres kunnen brengen. We laten hem eerst zijn milkshake opdrinken voordat we vertrekken.

We zijn nog geen vijf minuten onderweg of hij slaapt al. Als we bij het opvangadres aankomen, maken we hem wakker. Ik zie dat hij dat niet leuk vindt. Hij is verward en overstuur. Ik snap het wel. Ook ons doet het iets. Natuurlijk grijpt het je aan als zo’n jochie overstuur is. Als ik later op de avond terugrijd, hoop ik echt dat hij een beter leven krijgt.’
Het promillage van de vader was 1,41. Zijn rijbewijs is ingevorderd. Jeugdzorg beslist over de toekomst van het kind.

Surveillant Marjolein 06 november 2019